Andere informatie en diensten van de overheid: www.belgium.be

Studie naar resistentie tegen biociden (productsoorten 3 en 4)

De FOD Volksgezondheid hecht veel belang aan antimicrobiële resistentie (AMR, antimicrobial resistance), een belangrijk volksgezondheidsprobleem waarvoor sinds 2021 een nationaal actieplan (NAP AMR) bestaat.

In dit kader werd in 2022, op initiatief van de FOD Volksgezondheid, een onderzoeksproject opgestart onder leiding van Sciensano. Het doel van dit project is het begrijpen en beoordelen van de kans op de ontwikkeling van resistentie tegen biociden voor veterinaire hygiëne (producttype 3 – PT3) en in de voedsel- en voederproductieketen (producttype 4 – PT4). Deze studie is een vervolg op een literatuurstudie die eerder is uitgevoerd door het Institut de Duve over handdesinfectiemiddelen (producttype 1 – PT1) en desinfectiemiddelen voor oppervlakken (producttype 2 – PT2).

Literatuurstudie

Het eerste deel van het project heeft als doel de huidige stand van de kennis over de ontwikkeling van resistentie na het gebruik van biociden in de veterinaire sector en de agrovoedingssector te onderzoeken.

De literatuurstudie identificeert werkzame stoffen met een grotere kans dat ze antimicrobiële resistentie veroorzaken. Er wordt ook gewezen op het grote gebrek aan studies onder reële omstandigheden en de noodzaak om methoden voor het karakteriseren van bacteriële resistentie te standaardiseren.

Resistentiemonitoring

Het tweede deel van het project is momenteel lopende. Er zijn gestandaardiseerde tests opgezet om de resistentie van bacteriën tegen biociden (TP3 - TP4) en mogelijke co-resistentie tegen antibiotica te evalueren in stalen van menselijke, dierlijke en voedingsmiddelenoorsprong. De geteste stoffen werden geselecteerd op basis van de bevindingen van het literatuuronderzoek (werkzame stoffen en commerciële producten). De afronding van dit project is gepland voor december 2025.

Vooruitzichten

De resultaten van deze studie zullen aanbevelingen opleveren om op lange termijn een systeem uit te bouwen voor de monitoring van bacteriële resistentie of tolerantie tegen biociden, evenals voor de co-selectie van antibiotica.

Deze resultaten zullen ook de noden beantwoorden die werden vastgesteld in het milieuluik van het BELMAP-rapport, met name de nood aan een beter begrip van de risico's verbonden aan het gebruik van biociden die verantwoordelijk zijn voor de ontwikkeling van resistentie bij micro-organismen. De resultaten zullen bijdragen aan de ontwikkeling van richtlijnen voor een beter gebruik van biociden.

Terug naar boven